Projecten - Lerende Regio Arnhem
LRA project

Taste their future

Middels het organiseren van Taste Their Future maken mentoren leerjaar 3 en 4 van het vmbo en havo decanen kennis met het mbo om zo hun leerlingen beter te kunnen informeren en begeleiden bij hun studiekeuze.

Studenten die de overstap van vmbo naar mbo maken, ervaren vaak grote niveauverschillen tussen vmbo en mbo, met name op het vlak van algemene mbo-vaardigheden. Mentoren proberen de leerlingen voor te bereiden op deze overstap, maar hebben vaak onvoldoende kennis van het mbo-onderwijs en de mogelijkheden.

Met Taste Their Future willen we mentoren uit het vo een beter beeld geven van het mbo, zodat zij hun leerlingen optimaler kunnen begeleiden bij de overstap naar het mbo.
Het blijkt dat er een groep leerlingen met een havo diploma is waarvoor de overstap naar het hbo te groot is. Voor hen zou een fast track op het mbo een mooie tussenstap zijn. Vanaf 2022 willen we dat havo decanen van LRA scholen betrokken worden bij TTF, zodat zij deze specifieke doelgroep goed kunnen informeren en begeleiden.

LRA project

Start and go mbo

Door het organiseren van de MBO oriëntatiedagen wordt voor vmbo/vso leerlingen van LRA scholen de overstap naar mbo geoptimaliseerd om zo het aantal uitvallers en switchers op het mbo terug te laten dringen.

Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat leerlingen in deze leeftijdsfase (15-18 jaar) moeilijk kunnen kiezen en nog niet of nauwelijks bewust bezig zijn met hun loopbaanplanning. Zij kiezen op basis van geruchten, verhalen van vrienden en indrukken via internet.

Het terugdringen van voortijdig schoolverlaten en of switchers op grond van een verkeerde schoolkeuze heeft in de Lerende Regio Arnhem een hoge prioriteit.

Voorheen werden derde- en vierdejaars vmbo-leerlingen van de basis- en kaderberoepsgerichte, gemengde- en theoretische leerweg in de regio Arnhem jaarlijks de mogelijkheid geboden zich op mbo opleidingen te oriënteren d.m.v. centraal georganiseerde “Oriëntatiedagen op het mbo”.
Met de herstart van de MBO oriëntatiedagen willen we vanuit de LRA naast bovengenoemde doelgroepen ook de kwetsbare jongeren (ISK & PRO) een plek geven in deze oriëntatie.

De kracht van de mbo-oriëntatiedagen heeft altijd gelegen in de samenwerking. Door krachten te bundelen en de oriëntatiedagen te concentreren in een korte periode kan de belasting voor het mbo worden beperkt en kunnen veel leerlingen de kans krijgen zich in het mbo te oriënteren.

Aangezien ISK & PRO-scholen nog geen lid zijn van de LRA (Nemen niet deel aan LRA-coördinatoren overleg of andere LRA-activiteiten, zijn geen lid van de decanenkring) is dit een lastige doelgroep in het kader van dit project. Om zoveel mogelijk de leerlingen in kwetsbare positie van deze scholen en van de bestaande LRA-scholen de kans te geven om deel te nemen met het mbo-oriëntatieprogramma is een vertegenwoordigster van De Zachte Landing  (Onderdeel van team Overstap), Marianne Vogels lid geworden van de werkgroep mbo-oriëntatiedagen. Zij heeft de connecties en de ervaring om hier een belangrijke rol in te spelen.

Wat we doen is de leerlingen de kans geven zich goed te oriënteren op één of twee mbo-opleidingen waardoor ze een bewustere en betere keuze kunnen maken van een vervolgopleiding en waardoor de kans op switchen van opleiding of uitschrijven bij een opleiding verkleind wordt.

LRA project

Scholenmarkt

Middels het organiseren van De Scholenmarkt krijgen leerlingen uit leerjaar 3 en 4 van het vmbo en leerlingen uit Havo 4 (die de overstap naar het mbo willen maken) informatie over de verschillende mbo opleidingen en mbo scholen uit de regio (LRA).

Vmbo leerlingen zullen zich vanaf leerjaar 3 gaan oriënteren op de overstap naar het mbo. De Scholenmarkt geeft informatie over de verschillende opleidingen en verschillende mbo’s in de regio Arnhem. De leerlingen kunnen deze scholenmarkt bezoeken met hun ouders of begeleiders.
De Scholenmarkt is bedoeld voor de leerlingen, ouders/verzorgers van 3 en 4 vmbo/mavo en de overstappers van havo 4 naar het mbo.

LRA project

LOB

Loopbaanoriëntatie- en ontwikkeling is een proces dat een leven lang doorloopt.
We willen er als LRA voor zorgen dat leerlingen binnen onze regio, zowel op het v(s)o als op het mbo, hier optimaal bij begeleid worden.

Uitval en switch in het mbo vergroten de kans op maatschappelijke uitval. Een goed ontwikkeld LOB-programma draagt in hoge mate bij tot het voorkomen van maatschappelijke uitval.

LOB wordt een steeds belangrijker instrument op zowel het mbo als het vmbo. De focus gaat liggen op ontwikkeling in samenhang. Vo-scholen en mbo-scholen trekken gezamenlijk op met speciale aandacht voor het ontwikkelen van netwerken en het loopbaandossier. In de afgelopen jaren zijn diverse projecten op dit gebied succesvol geweest: oriëntatiedagen voor derde- en vierdejaars vmbo-leerlingen, een scholenmarkt, samenwerking bij het vormgeven van LOB-beleid op de scholen van de LRA. Elke vmbo-school heeft inmiddels een visie op LOB en heeft keuzes gemaakt voor een programma. Tevens voert elke vmbo-school diverse activiteiten uit -in de les en daarbuiten- om de leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op de vervolgopleiding.

In periode van 2017-2020 heeft de LRA met subsidie vanuit de gemeente het LOB-programma verder gestimuleerd door het organiseren van verschillende activiteiten.
Deze subsidieperiode is afgelopen en de gemeente heeft aangegeven dat LOB een zaak van het onderwijs is.

Afgelopen jaar heeft LOB binnen de LRA minder aandacht gekregen vanwege wisseling van de projectleider en door corona. Uit de LRA conferentie van oktober 2020 is gebleken dat dit een onderwerp is dat leeft binnen de LRA.

Belangrijke speerpunten en ambities voor de komende tijd zijn:

LOB is voor de (v(s)o en mbo) leerling een waardevol onderdeel van zijn/haar curriculum;
Het komen tot een goede samenwerking tussen vmbo en mbo voor het verbeteren van een doorlopende leerlijn;

LRA project

Digitaal doorstroom dossier

Het programma Digitaal Doorstroomdossier (DDD) is een deelprogramma (Schakel in de Keten) om VSV (voortijdig schoolverlaten) te voorkomen. Het is belangrijk dat leerlingen in het vmbo zich in het kader van loopbaanoriëntatie (LOB) verdiepen in de keuze voor beroep en vervolgopleiding. Dat gebeurt op diverse manieren. In het Digitaal Doorstroomdossier dient de leerling zijn keuze voor de vervolgopleiding te beschrijven en verantwoorden.

De afgelopen jaren is er voor de vmbo-leerlingen van de LRA-scholen een doorstroomdossier ontwikkeld dat door alle mbo-scholen geaccepteerd wordt.

Het Doorstroom Dossier zoals dat ontwikkeld is en in gebruik is door de vmbo-scholen van de LRA maakt het mogelijk om gestructureerd, door leerling en mentor, aandacht te besteden aan de loopbaanoriëntatie. Via het DDD wordt bovendien gestandaardiseerde informatie van vmbo-leerlingen doorgegeven aan het ontvangende mbo. Op basis van onder andere de informatie in het Digitale Doorstroomdossier kan het mbo met de leerling in gesprek gaan over zijn of haar gewenste beroepsopleiding maar bovendien kan de digitale informatie ook gebruikt worden bij de studieloopbaanbegeleiding binnen het mbo. Omdat via het DDD ook wordt aangegeven of leerlingen in aanmerking komen voor een Warme Overdracht kan de individuele begeleiding in het mbo hierdoor voortvarend worden opgepakt. Het huidige LRA-doorstroomdossier is sinds 2014 gedigitaliseerd door Intergrip. En ook dat is een verbetering voor de overstap van de leerling van het vmbo naar het mbo.

LRA project

Uitval& Switch

Dit is een van de projecten om VSV (voortijdig schoolverlaten) te voorkomen. Nederland heeft zich ten doel gesteld dat het landelijk aantal VSV-ers moet worden teruggedrongen. Hiervoor zijn VSV-gelden beschikbaar. De Lerende Regio Arnhem is een samenwerkingsverband tussen mbo-scholen en vo-scholen die gebruik maken van de VSV-gelden.

Wanneer vmbo-leerlingen in het mbo zijn ingestroomd gebeurt het veelvuldig dat een student verandert van opleiding of zijn opleiding zonder diploma stopt.

· Een aantal jongeren heeft ondanks alle inspanningen van het voortgezet onderwijs nog nooit een goed opleidings- en/of beroepsbeeld gehad. Zij hebben gekozen op basis van verkeerde gronden. Het risico is groot dat zij in het eerste leerjaar van de vervolgopleiding uitvallen en daarmee het onderwijs voortijdig verlaten. Een aantal studenten switcht van opleiding. Het is van belang om daar zicht op te hebben.

Een aantal van deze voortijdig schoolverlaters betreedt vervolgens de arbeidsmarkt zonder startkwalificatie met alle risico’s van dien.

In het vmbo bestaat de behoefte om te beschikken over schoolloopbaangegevens van hun oud-leerlingen. Wanneer vmbo-scholen terugkoppeling krijgen van schoolloopbaangegevens van hun oud-leerlingen in het mbo, hebben ze daarmee gegevens om vast te stellen of het resultaat van hun begeleiding van leerlingen effectief genoeg is. Deze schoolloopbaangegevens dienen daarom op gezette tijden bij de vmbo-scholen bekend gemaakt te worden. Met behulp van deze gegevens kan er een kwaliteitsverbetering in het LOB-proces in het vmbo plaatsvinden.

Ook in het mbo kan men gebruik maken van de teruggekoppelde gegevens. Is bijvoorbeeld de informatievoorziening over bepaalde mbo-opleidingen naar leerlingen in het vmbo wel correct? Voortijdig schoolverlaten kan hiervan het gevolg zijn.

Het project Uitval- & Switch- monitor sluit aan bij zowel het LRA- als het VSV-doel1 immers alle scholen in de Arnhemse regio zijn betrokken bij het project, er wordt gewerkt aan de goede doorstroming van het vmbo naar het mbo en het project is

gericht op het in gezamenlijkheid terugdringen van het aantal (nieuwe) voortijdige schoolverlaters.

De projectgroep heeft zowel de taak om het project voor te bereiden als uit te voeren.

De terugkoppeling vindt plaats m.b.v. de Uitval & Switch monitor van Intergrip. Twee maal per jaar (maart en november) worden de benodigde gegevens van de mbo-scholen bij Intergrip aangeleverd. Daar worden deze gegevens in de portal klaar gezet voor alle vo-scholen en de mbo-scholen.

LRA project

Met perspectief van h4 naar het mbo

In het samenwerkingsverband Lerende Regio Arnhem (samenwerking tussen alle vo en mbo instellingen in de regio Arnhem) is geconstateerd dat een substantiële groep Havo – 4 leerlingen studievertraging oploopt, omdat ze te lang wachten met de overstap naar het MBO. Dit verschijnsel wordt door meerdere VO – HAVO scholen herkend en een grove schatting gaat uit van minimaal 65 leerlingen op jaarbasis.

Deze Havo-4 leerlingen blijken niet in staat om de overgang naar havo-5 te halen en uiteindelijk met een Havo diploma direct door te stromen naar het hbo. Deze groep leerlingen mist het theoretische niveau en/of de gewenste studiehouding en/of de gevraagde studievaardigheden. Tevens is deze groep leerlingen vaak meer praktisch ingesteld. Toch volharden deze leerlingen en hun ouders vaak, tegen het advies van de school in, in hun streven om toch het Havo-diploma te halen. Met meer en beter zicht op de mogelijkheden binnen het mbo is voor deze leerlingen een overstap naar een mbo opleiding een goed alternatief.

Evenals voorgaande jaren wordt er door de gezamenlijke havo- en mbo-scholen, onder de regie van de LRA, ook dit jaar weer een traject aangeboden voor leerlingen die mogelijk niet over kunnen van 4 naar 5 havo. Doel is om deze leerlingen te begeleiden in het maken van een alternatieve keuze, een opleiding binnen het mbo.

Door Rijn IJssel en Astrum College wordt voor de aangemelde groep potentiële uitvallers uit Havo-4 in de periode na de meivakantie traject geboden. De leerling volgt een kortdurend traject, waarbij de uitkomst leidt tot het maken van een keuze voor een (opleidings)richting binnen een sector of domein. Mocht uiteindelijk blijken dat een leerling de havo niet kan of wil vervolgen, dan heeft de leerling helder wat de mogelijkheden zijn om in te stromen op een mbo opleiding.

In het algemeen heeft vrijwel niemand van deze groep zich tot op dat moment georiënteerd op de mogelijkheden van het mbo en op de mogelijkheden om via het mbo door te stromen naar het hbo. Veelal overheerst een negatief beeld van het mbo (zowel bij leerlingen als bij ouders). Het is van groot belang om te voorkomen dat deze leerlingen vanwege eerdere teleurstellingen volstrekt gedemotiveerd raken voor een vervolgopleiding.

Het accent tijdens de oriëntatiedagen ligt op informatie, oriëntatie en zicht krijgen op persoonlijke kwaliteiten. Onderdeel van de oriëntatiedagen ook dat de deelnemers een aantal vragenlijsten maken. Via deze vragenlijsten krijgen de leerlingen inzicht in hun capaciteiten, aanleg en competenties. (Wie ben ik, wil ik, kan ik en wat past bij mij). De uitslag van de testen worden met alle deelnemers persoonlijk besproken. Tijdens de oriëntatiedagen worden de leerlingen in de gelegenheid gesteld om zich te oriënteren op en informatie te verzamelen over diverse beroepsmogelijkheden Daarnaast worden de leerlingen ook, afhankelijk van de mogelijkheden binnen het mbo, in de gelegenheid gesteld om zich te oriënteren op een opleiding van het mbo, te denken valt hierbij aan een dag(deel) meelopen of een gesprek met een docent. Voor iedere deelnemer eindigt het project met de mogelijkheid tot een individueel eindgesprek waarin de vervolgstappen aan de orde komen.

De Havo-scholen selecteren vroegtijdig (bijv. eerdere doublure en maartrapport als indicator) de leerlingen die in aanmerking komen voor deelname aan dit project en zijn verantwoordelijk voor een goede communicatie met de betrokken ouders en leerlingen. Iedere leerling die uiteindelijk door de school wordt aangemeld voldoet volledig aan de omschrijving van de doelgroep en is door de school gemotiveerd om de kansen die dit project hem of haar te bieden heeft aan te grijpen.

Ruim voorafgaand aan de oriëntatiedagen zullen leerlingen de gelegenheid krijgen een informatie moment te kunnen volgen. Dit zal zijn in de vorm van een informatiebijeenkomst op de mbo school of een gesproken Powerpoint presentatie.

Na afloop van de oriëntatieperiode zal monitoring plaats vinden van de leerlingen wat betreft hun vervolgtraject. Ook in het eerste jaar van de Mbo-opleiding zal monitoring plaats vinden en terugkoppeling naar de scholen.

Monitoring, maakt onderdeel uit van het project. De student wordt gevolgd in zijn verdere loopbaan op het mbo of havo. Het gaat daarbij om een kwantitatieve monitoring (hoeveel uitval en/of switch van opleiding)